Arend Nijenhuis,
Vlaardingen,
31 december 2000

Aan het bestuur, de directie, het personeel en de ouders van Stichting Kinderopvang Honki-Ponk.

Het heeft de directeur behaagd om tot haar verdediging in een brief aan alle ouders mij impliciet op te voeren als een belangrijk veroorzaker van het slecht functioneren van de drie vestigingen waarvoor ik als vestigingshoofd verantwoordelijk was (en formeel nog tot 15 januari ben).
Daarmee gooit zij een intern geschil op straat met hetzelfde elan waar ze zo’n kritiek op had.
Ik voel me dan ook niet langer door enig ‘heren-akkoord’ geremd om me op de valreep in de discussie Honki-Ponk te mengen.

Ik reageer om drie redenen:

1. Enige woorden om mijn situatie te verduidelijken.
2. Vergelijking van het goede Honki-Ponk-beleid met het huidige.
3. Enige woorden ter bemoediging van de betrokkenen.

Ad. 1.
Inderdaad heb ik begin juli aangegeven dat ik mijn functie zwaar vond en niet tot mijn tevredenheid kon vervullen. Op uitnodiging van de directeur heb ik daarbij alternatieven aangegeven voor mijn functie binnen Honki-Ponk.

Hierop volgde een gesprek met mevrouw van Wolferen en de heer de Kok, waarin de laatste mij aanraadde na te denken over het vervolgen van mijn carrière als vestigingshoofd (mijn karwei afmaken voor ik iets nieuws zou beginnen binnen de instelling, ik was immers niet voor niets in deze functie aangenomen….) of elders zoeken naar bevredigend werk.
Na op een verkwikkend zomerreces te zijn gestuurd, besloot ik mijn liefde voor Honki-Ponk en voor de positieve kanten van mijn functie, te laten winnen en begon ik weer vol goede moed en met het vertrouwen van mijn medewerkers. Intussen waren op al mijn vestigingen zonder mijn medeweten een aantal veranderingen doorgevoerd.

Vervolgens ben ik op 11 oktober, andermaal in een gesprek op de Hoflaan met de directeur en de organisatie-adviseur, afgerekend op een drietal recent gemaakte fouten in de 'communicatie als vestigingshoofd'.

Deze waren kennelijk zo ernstig dat ik zonder enige schriftelijke onderbouwing ben teruggezet in functie en salaris per 1 december, waarbij dus voorbijgegaan is aan de bepalingen hierover in de CAO Kinderopvang 2000 en aan het burgerlijk wetboek.
Op advies van een aantal arbeidsrechtelijk onderlegde adviseurs in mijn omgeving heb ik mij vervolgens ziek gemeld om emotionele redenen – wederrechtelijk uitgekotst – en, ondanks mijn herhaaldelijk aandringen bij de directeur, nooit opgeroepen voor een arbeidsgeneeskundig onderzoek.

Om reden van welvoeglijkheid en vanwege de stelligheid waarmee de heer de Kok mij in het laatste gesprek toevoegde dat ik duidelijk de enige was in de organisatie die nog geloofde in mijn functioneren, heb ik mij vervolgens op de vlakte gehouden. Bovendien vond ik het niet kies om met mijn woede anderen binnen HP te beïnvloeden.
Ik was toen niet op de hoogte van de achtergrond van de heren de Kok en de Bruin en kreeg het gevoel dat ik schijnbaar tijdenlang gedoogd ben als een ongevaarlijke zonderling, die nu eenmaal ook een gezin te onderhouden heeft en daarvoor een behoorlijk salaris krijgt als beloning voor bewezen diensten in het verleden.
Inderdaad geen prettig gevoel en mogelijk tekenend voor mijn gebrek aan de hardheid die past bij het huidig gewenste managementprofiel.
Gelukkig bleken één brief en drie sollicitatiegesprekken in mijn geval voldoende om overtuigend vijf vestigingen onder mijn hoede te krijgen bij Stichting Triodus in Den Haag per 15 januari aanstaande.

Helaas heeft mijn nieuwsbrief hierover van 1 december jl. niemand meer bereikt….
Ik ben intussen nog steeds van mening dat ik voor veel ouders en personeelsleden mijn waarde had als vestigingshoofd. Van verschillende kanten heb ik dat intussen bevestigd gekregen.
Bovendien acht ik de manier waarop ik voor een onmogelijke keuze ben gesteld ondermaats en volledig in strijd met het binnen Honki-Ponk gevoerde agogisch beleid zoals dat op natuurlijke wijze voortvloeit uit het pedagogisch beleid en bevestigd en verwoord is in de organisatie-uitgangspunten.
Ik weet niet of het voorgaande helpt, maar ik wens Honki-Ponk niet te verlaten als het zwarte schaap en zelfs nu nog heb ik me ingehouden. Het lucht wel op.

Ad 2.
Enkele uitgangspunten.
a. respect voor: behoeften aan veiligheid, duidelijkheid, eerlijkheid. Respect voor de ander, respect voor ‘meer weten en meer kunnen, maar ook voor minder weten en minder kunnen’, respect voor een eigen tempo in groei, respect voor de mate waarin mensen (kinderen ook) keuzemogelijkheden hebben.
b. Honki-Ponk is een lerende organisatie: niet bang zijn voor veranderingen in het belang van een gezamenlijk doel, namelijk de best mogelijke ontwikkeling van ieder individueel kind Honki-Ponk in eerlijkheid en overleg, zolang een basisveiligheid gewaarborgd is en mits het hiervoor benodigde tempo wordt aangehouden.

Hierover zijn het toenmalige bestuur en personeel het in april ’99 eens geworden.
Dit beleid is naar mijn overtuiging prima, inclusief de daarbij gebruikte inspiratiebronnen: Steiner (respecteer en stimuleer ieders zoektocht naar zichzelf in relatie tot zijn omgeving), Korczak (ieder kind is een mens met eigen vragen en antwoorden) en Gordon (veelzeggende titels: 'Luisteren naar kinderen' en 'Luisteren naar elkaar'). Prachtige uitgangspunten, die ik net als Mirjam, nog steeds onderschrijf.
Het nieuwste accent lijkt nu echter vrijheid te zijn, zoals gepropageerd door het huidig bestuur.
- De vrijheid om je niets aan te trekken van je klantenkring.
- De vrijheid om je personeel te intimideren
- De vrijheid om de kinderen die zich in onvrijheid aan je toevertrouwen voor te bereiden op een wereld die niet bestaat
- De vrijheid, kortom, om je eigen beleid te negeren.
Nee, naar mijn idee gedragen deze bestuursleden zich niet (meer) volgens het (ped)agogisch beleid van Honki-Ponk en ‘vergeten’ ze hun eigen uitgangspunten en diskwalificeren zichzelf daarmee om een dergelijke verantwoording uit te dragen.
Dan waren het vorige bestuur en (vergeef me) het vertrekkend vestigingshoofd in al hun naïviteit in woord, gedrag en geschrift een beter voorbeeld dan wat we nu zien.
Wanneer gezag – Marja weet nauwelijks hoe veel ze daarvan bij iedereen had door haar gedreven voorbeeld – ontaardt in macht, is het woord vrijheid wel het laatste om op papier te zetten.

Dit verguisd bestuur heeft niet zo maar de wind tegen, nee: het is contraproductief en verdient het naar mijn idee niet langer om deze, menselijke, organisatie te vertegenwoordigen noch te leiden.

De kracht van Honki-Ponk was het maakbare feest voor kinderen, waarbij individuele en groepen leid(st)ers boven zichzelf uit konden stijgen in het vertrouwen een gezamenlijk doel te dienen, gepersonifieerd in ons aller voorganger Marja.
Kennelijk (ter theoretische informatie: lees David Laing) sluiten de koers van de vrijheidsstrijders en de formatie van de opvoeders niet meer op elkaar aan.
Als de manier waarop ons aller pedagogisch beleid moet worden uitgedragen, zo wordt afgedwongen dat het honderden kinderen en hun ouders en tientallen personeelsleden benauwt, zijn de vrijheid en het respect ver te zoeken. Ik ben er trots op, dat ik daarvan afstand mag nemen.

Ad 3. Bemoediging.
- drie nieuwe bestuursleden die de visie en missie goed tot zich kunnen laten doordringen en hun collega’s op hun merites beoordelen
- personeel dat de gelederen sluit (bekend is mijn voorliefde voor gezamenlijkheid)
- ouders die zich over de grenzen van hun onderlinge conflicten zetten en elkaar steunen
- voormalig bestuursleden die hun nek uitsteken en hun verantwoordelijkheid blijven nemen
- een gemeente die garant wil staan voor de belangen van honderden kinderen, ouders en verzorgers

Dat is Honki-Ponk.
Eendracht maakt macht.
Wat had het een prachtig positief effect kunnen hebben.
De enige manier waarop dit bestuur nog respect kan sorteren lijkt mij door op te stappen en Honki-Ponk over te dragen en door te geven aan de toegewijde, gemotiveerde en zelf denkende vestigingshoofden, leid(st)ers, ouders en kinderen die dit bestuur 'zich gekozen heeft' en hen de vrijheid terug te geven om een bestuur en directie op te zoeken die het wel waard zijn om dit Honki-Ponk te vertegenwoordigen.
Ieder mens kiest zijn eigen eye-opener.

Ik wens alle betrokkenen veel wijsheid en kracht toe in het nieuwe jaar.

Arend Nijenhuis