Verhoor getuige D.A. OPSTELTEN (arts assistent)


Op dinsdag 12 juni 1990, te 16.05 uur, hoorden wij als getuige:

David Adriaan OPSTELTEN,

oud 34 jaar, van beroep arts, domicilie kiezende in het Rivierenlandziekenhuis, President Kennedylaan 1 te Tiel, die verklaarde:

"Ik ben als arts-assistent werkzaam in voornoemd ziekenhuis. Zo ook op vrijdag 20 april 1990, toen te 05.00 uur ongeveer, mevr. Reuchlin voor opname werd binnen gebracht. Daarbij aanwezig waren Dr. Pulles, alsmede ene de Kok en een vroegere studiegenoot van mij, Olaf Janssen. Wij herkenden elkaar. Olaf zei dat hij de Kok goed kende en in zijn opleiding veel aan hem te danken had.

Hij was die nacht voor het eerst door de Kok uitgenodigd mee te gaan naar de patiënt Reuchlin.

Ik vroeg aan Olaf, waarom mevr. Reuchlin niet eerder was gekomen. Hij zei dat het niet eerder komen de keuze van mevr. Reuchlin was.

Ik vroeg mij af, gelet op de ernstige gezondheidssituatie van mevr. Reuchlin of zij wel in staat moest worden geacht die keuze gewogen te maken.

Op mij kwam de Kok over als iemand die charismatische invloed op mensen heeft. Gedurende opname manifesteerde hij zich naar mevr. Reuchlin als iemand die een meer dan in allopatische geneeskunde gebruikelijke band met zijn patiënt had. Hij hield haar hand vast en sprak haar bemoedigend toe. Olaf Janssen zei geschrokken te zijn van de gezondheidssituatie van mevr. Reuchlin, zoals hij aantrof.


Hij verklaarde woordelijk: "Dat wordt puinruimen voor jullie". Hij vond zeker dat mevr. Reuchlin eerder naar bet ziekenhuis had gemoeten.

Ik neem aan dat de wetenschap omtrent het feit dat mevr. Reuchlin zich niet eerder op wilde laten nemen, afkomstig is van dhr. de Kok en dat dit niet de eigen waarneming van Olaf Janssen was. Immers slechts in de allerlaatste fase is Olaf Jansen erbij betrokken geweest."

Voorgelezen, volhard en in concept ondertekend.